Ongezellig publiek

Ik houd van ongezellig publiek. Ik denk dat dat voor de meeste artiesten wel geldt, daar ben ik geen uitzondering in. Heeft publiek het namelijk gezellig, dan heeft het des te minder aandacht voor mij. Afgelopen maandag mocht ik spelen bij De Kaaij in Nijmegen. Een cultureel terras onder de Waalbrug. Een uur rijden vanaf Utrecht en ik ging solo. Met andere woorden: ik bereidde me voor op een eenzame avond.

Ik kwam aan bij De Kaaij, waar ik hartelijk werd ontvangen en werd gewezen op een immens houten podium dat heel leeg en kaal op mij lag te wachten. Eromheen het beoogde publiek, wijdverspreid over alle stoelen, krukjes, banken en tafels. En shit, wat was het veel te gezellig. Ik vroeg wat normaliter de opzet is. Of het publiek een beetje is ingesteld op luistermuziek en wat ik moest verwachten. De gastvrouw wist daar niet zoveel zinnigs over te zeggen. Ik mocht doen wat ik wilde; ik mocht bijvoorbeeld ook het publiek vragen om erbij te komen zitten op het podium of iets dergelijks. Ik begon een beetje te balen: het wordt er weer zó eentje. In de openlucht, veel te veel wind, zonder versterking (want dat mag van de gemeente niet doordeweeks). Kortom: achtergrondmuziek die niemand kan horen, dus veel te hard moeten trekken aan een dood paard.

21:00. Showtime. Ik besloot het anders te doen. Ik liet het podium in al zijn naaktheid liggen en stapte met mijn gitaar op het eerste het beste tafeltje af dat ik zag en vroeg aan de mensen die er zaten: “Goedenavond, zou ik voor u een lied mogen spelen?” Twee mannen en een vrouw keken verwonderd op en antwoordden: “Goh, wat leuk! Natuurlijk!”. Ik zette mijn eerste lied in, vertelde er wat over en het drietal luisterde. Stil en aandachtig. Dan het slotakkoord gevolgd door een luid en oprecht applaus. Van drie mensen en wat omzittenden die het hadden gadegeslagen. We praatten nog wat, ik wenste ze nog een fijne avond en liep door naar de volgende tafel.

Ik vond het spannend. De mensen zaten zo wel héél erg op op mijn lip en ik op die van hen. Op zo’n groot terras werd het op deze manier toch wel bijzonder intiem. En wat als mensen hier helemaal niet op zaten te wachten, maar uit fatsoen mij toch maar gewoon laten spelen?

Terwijl ik bij de tweede groep mensen een ander lied inzette, zag ik dat de mensen van de vorige tafel zich bij dit nieuwe publiek hadden gevoegd. En toen ik naar de derde tafel liep, gingen deze – en nog een tweetal anderen – met me mee. Er ontstond een soort posse en zelfs toen ik bij een tafel verderop een lied voor de tweede keer speelde, bleven ze aandachtig luisteren en liepen ze weer met me mee. Sommigen sloten zich aan, anderen gingen weer weg.

Bij elke tafel waar ik kwam, werd enthousiast gereageerd op de vraag of ik iets voor ze mocht spelen en vervolgens aandachtig geluisterd. Toen ik bijna klaar was, werd er verderop gezwaaid: “Siebe! Siebe! Siebe!” Ik liep verbaasd – achtervolgd door mijn posse – naar vier dames toe, die vertelden dat ze speciaal voor mij gekomen waren, maar dat het zo lang duurde voordat ik bij hen in buurt zou komen. Aan die tafel heb ik nog wat meer dan 1 lied gespeeld, omdat zij de posse in feite compleet maakten. De groep omstanders werd per lied groter.

Was het toch nog een beetje ongezellig geworden.